GroenLinks was, is en blijft tegen megastallen

Al dan niet gevoed door partijen die dichtbij ons staan, maar in verkiezingstijd het verschil tussen bondgenoot en tegenstander niet meer kennen, is een verkeerd beeld ontstaan van het standpunt van mijn fractie over megastallen. Daarom klip en klaar: wij willen GEEN megastallen.

1. Hoe kan dat nou, is GroenLinks voor megastallen?

Nee, dit klopt absoluut niet! Al sinds het burgerinitiatief ‘Stop Veefabrieken’ verzet GroenLinks zich tegen megastallen in Noord-Holland. Wij dienden in maart 2009 een motie in die de komst van megastallen – heel concreet: een kippenfabriek in de Wieringermeer – tegenhield. Die motie kreeg een krappe meerderheid, maar haalde het wel. Sindsdien hebben wij ons altijd in woord én daad tegen de megastallen gekeerd. Bovendien stimuleren we diervriendelijke en duurzame veehouderijen, waarbij dieren de ruimte hebben en van de buitenlucht kunnen genieten. Partijen die het tegendeel beweren, doen aan goedkope verkiezingsretoriek.

2. Wat heeft GroenLinks dan ondernomen om megastallen tegen te houden?

Naast onze eigen motie in maart 2009, hebben we ook in juni 2010 een voorstel van de SP gesteund om vestiging en verplaatsing van megastallen te verbieden. In onze motie van afgelopen maandag, 14 februari, schrappen we het ‘concentratiegebied voor intensieve veehouderij’ waardoor zich nergens in de provincie nieuwe megastallen kunnen vestigen. Ook spreekt de motie uit dat stallen hoogstens één bouwlaag mogen hebben, zodat dieren niet in flats gestapeld worden. Dit zijn effectieve beperkingen die de intensieve veehouderij tegengaan. 

3. Hoe zit het dan met die 2 hectare?

We zijn voorstander van een bouwblok van maximaal 1.5 ha, omdat dit één van de manieren is om megastallen tegen te houden. In een groot deel van de provincie geldt ook 1.5 ha als maximum. Op dit moment staat echter in de ruimtelijke ordeningsregels van de provincie (het bestaande beleid) dat in gebieden voor grootschalige landbouw bouwblokken tot véél meer dan 2 hectare mogelijk zijn, omdat het provinciebestuur een ontheffing kan geven. Dit geldt onder andere ook voor intensieve veehouderij. GroenLinks vindt dat zo’n ontheffing de deur voor megastallen wagenwijd open zet en heeft daarom gepleit voor het schrappen van de ontheffing. Dat is dus geen uitbreiding, maar een forse inperking!

4. Zijn er politieke spelletjes gespeeld?

Misschien wel, maar zeker niet door GroenLinks. Wij waren ertegen om besluiten over megastallen over de verkiezingen heen te tillen, maar wilden juist afgelopen maandag keuzes maken, in het belang van mensen en dieren. GroenLinks kiest ervoor niet alleen te roepen vanaf de zijlijn, maar concreet in actie te komen met haalbare voorstellen. We wisten dat we daarbij niet voor 100% onze wensen konden realiseren: gezien de stellingname van PvdA, D66, CDA en VVD was duidelijk dat een beperking tot 1.5 hectare in de hele provincie niet mogelijk zou zijn. Maar wij vonden de andere beperkingen – maximaal één bouwlaag, geen nieuwe megastallen, geen concentratiegebied – minstens zo belangrijk en die zouden we wél voor elkaar gekregen hebben.

Dit bericht verscheen eerder op de site van GroenLinks Noord-Holland

Mening gevraagd

In deze weken voor de verkiezingen zijn er nogal wat belangengroepen en organisaties die graag de standpunten van politieke partijen willen weten. Sommige sturen hiervoor een lijstje met vragen op of maken een eigen “stemwijzer”, anderen doen het in de vorm van een al dan niet veromtwaardigde open brief. Een groot deel hiervan is eigenlijk niet voor mij bestemd en die verzoeken kan ik dan doorsturen naar ons campagneteam en naar onze lijsttrekker Titia van Leeuwen. Als bijna aftredend Statenlid ken ik mijn plek…

Maar op een brief die ik kreeg van de Stichting Niet door ‘t Lint wil ik graag zelf reageren. Al was het maar vanwege mijn lange voorgeschiedenis met de Westfrisiaweg (Alkmaar-Enkhuizen). Na veel wikken en wegen heeft GroenLinks bijna drie jaar geleden gekozen voor de zgn. zuidelijke variant voor de verbinding tussen Hoorn en Enkhuizen. Hierbij wordt bij Hoogkarspel in de gemeente Drechterland een nieuwe wegverbinding aangelegd, die via een tunnelbak onder de lintbebouwing doorgaat. De Stichting heeft zich in al de jaren op een prettige manier en goed gedocumenteerd met deze discussie bemoeid en daarom vind ik het gepast hier mijn reactie te geven op de open brief die ik van haar kreeg.

De brief richt zich op de 146 miljoen die de provincie heeft gereserveerd om het tekort dat nu nog in de begroting zit, eventueel te dichten (als er onvoldoende geld van het Rijk komt). De precieze dekking van dit bedrag is in een geheim deel van het voorstel opgenomen. De Stichting vindt dat de partijen in de Staten in het licht van de verkiezingen duidelijkheid moeten geven over deze dekking. Ik kan dat niet rechtstreeks doen, omdat we met elkaar geheimhouding hebben afgesproken en ik mij daaraan ook wens te houden. Maar ik kan wel in grote lijnen schetsen hoe de keuzes eruit zien.

Ten eerste heeft GroenLinks duidelijk gemaakt dat investeringen die in het openbaar vervoer en in fietsvoorzieningen worden gedaan, gehandhaafd moeten blijven. Dat betekent dat er geen eurocent uit deze budgetten naar de Westfrisiaweg zal gaan. Waar in de brief wordt gesproken over het schrappen van plannen voor fietspaden: dit is dankzij een motie van GroenLinks en de PvdA niet aan de orde. Ten tweede hebben we de gedeputeerde opgedragen het geld te vinden in de bestaande gelden voor weginfrastructuur. Dat kan inderdaad betekenen dat andere projecten niet doorgaan, afgeslankt worden of later uitgevoerd worden, want er komt niet meer geld voor asfalt bij. In verband met de onderhandelingen die onder meer met het Rijk en met gemeenten worden gevoerd, kan ik helaas niet op details ingaan. Wellicht is dat wat onbevredigend, maar het is denk ik ook in het belang van de inwoners van Noord-Holland dat we efficiënt met geld omgaan en waar mogelijk bijdragen van anderen weten binnen te halen. 

Waar we met lastige keuzes en prioriteiten werden geconfronteerd, hebben we dat als fractie in de afgelopen jaren altijd gedaan met de belangen van veiligheid en leefbaarheid voorop. Projecten die daaraan bijdragen, hebben altijd de steun van GroenLinks gehad en ik heb er alle vertrouwen in dat dat ook voor onze opvolgers in de komende periode zal gelden. Juist die plannen moeten, met alle mogelijke bezuinigingen en verschuivingen, doorgang blijven vinden.

Zo werd het plek zeven

Voorzover ik niet al zenuwachtig was, werd ik het wel door het aantal keren dat ik de vraag kreeg of ik al zenuwachtig was. Het was nog best een opgave om de tijd door te komen tussen binnenkomst op het congres en het moment dat ik voor mijn pleidooi van twee minuten het podium op mocht gaan. Mijn eerdere ervaring dat zenuwen verdwijnen zodra ik dan eindelijk mocht gaan praten, werd dit keer weer bevestigd. De zenuwen kwamen overigens in heviger vorm terug toen het tijd werd voor de stemmingen.

Mijn naam verscheen bij plek 5 voor het eerst op het grote scherm. Met slechts één stem minder dan Margreet de Boer (200 vs. 201) ging ik net niet door naar de shoot-out. Op plek 6 lukte dat wel, maar ik verloor het in die ronde van Yolan Koster. De ronde erop ‘versloeg’ ik zittend senator Jan Laurier en zo werd het plek 7. De lichte teleurstelling die ik op het congres nog voelde, heeft na een nachtje slapen en een dagje denken, plaatsgemaakt voor blijheid en trots. Tegelijkertijd ben ik weliswaar een optimistisch mens, dus ik hoop op een hele mooie uitslag, maar acht ik de kans groot dat ik nog even in de wachtkamer moet plaatsnemen en niet rechtstreeks in de Eerste Kamer kan komen. Alhoewel… de campagne duurt nog tot en met 2 maart en wie weet wat er nog kan gebeuren!

Het is een grote eer om op deze lijst voor GroenLinks te mogen staan met zulke goede, ervaren mensen. Het is een grote eer dat zoveel partijgenoten op het congres op mij hebben gestemd. Dat geeft een bijzondere verantwoordelijkheid, die ik ook in mijn speech heb benoemd. Juist nu is het besef groot dat samenwerking en verbinding in de partij, gebruik maken van elkaars kennis en expertise en – vooral – met elkaar GroenLinks zijn, van essentieel belang zijn. Ik hoop daar op mijn manier en op mijn plek een bijdrage aan te kunnen leveren.

Tot slot bedank ik iedereen die, van warme woorden tot loflied, van sms tot retweet en van flyer tot stemkastje, aan dit mooie resultaat heeft bijgedragen. Het maakt mij heel gelukkig deel uit te maken van deze prachtige politieke partij.

Haarlems Dagblad: Vervolginterview Afghanistan

Op 29 januari verscheen in Haarlems Dagblad en Noord-Hollands Dagblad een vervolg op een eerder (kort) interview met Harmen Binnema over de missie naar Afghanistan.  Ook andere bekende GroenLinksers uit de regio komen hierin aan het woord.

Klik hier voor het artikel

Adieu wegen, verkeer en vervoer

Het is een aparte ervaring om als 31-jarige nestor te zijn van de Statencommissie Wegen, verkeer en vervoer en dankwoorden aan de voorzitter uit te mogen spreken. Voor de zekerheid bekeek ik gisteravond de troepen om mij heen nog even goed, maar ik was toch echt de enige die al sinds 2003 in deze commissie zit. Het was bovendien een bijzonder moment omdat Nel Eelman, na een afwezigheid van bijna een half jaar door een beenbreuk, op de laatste vergadering weer kon voorzitten. Zoals alle voorgaande keren een pittige klus: elk van mijn collega’s speelde zijn of haar rol in dit politieke gezelschapsspel met verve. Ik kan mij zo voorstellen dat Nel af en toe de wanhoop nabij was, als een vergadering ontregeld raakte en dramatisch uit de tijd liep. Met onderwerpen als de Westfrisiaweg, verbinding A8-A9, de grote zeesluis, aanbesteding van het openbaar vervoer en de OV-chipkaart, is het een commissie waar de tegenstellingen groot kunnen zijn en de emoties heftig (al dan niet door boze en bezorgde insprekers op ons overgedragen).

Het was mooi om in de laatste vergadering af te sluiten met een onderwerp dat mij al die jaren flink heeft beziggehouden: het Noordzeekanaalgebied.  In dit gebied komt zoveel samen: economische ontwikkeling en werkgelegenheid, verduurzaming, milieuruimte en intensief ruimtegebruik.  Om van natuur, recreatie of woningbouw nog maar te zwijgen. Ook vanuit het perspectief van bestuur en beleid veel interessante vraagstukken: wie wil met wie (niet) samenwerken, onder welke voorwaarden en welke organisatie past daarbij? Meer op afstand van de politiek of juist onder directe regie? Met het bedrijfsleven als beleidsmaker of wordt dat alleen aan de overheden toevertrouwd? In de loop van de tijd zijn verschillende plannen, agenda’s en platforms voorbij gekomen, evenals evaluaties die aangaven dat het toch weer net anders moest.

Mijn uitgangspunt in deze discussie is onveranderd dat, voorbij allerlei bestuurlijke constructies, veel fundamenteler nagedacht moet worden over de vraag wat voor soort haven we het Noordzeekanaalgebied willen laten zijn. Wat mij betreft geen tweede Rotterdam, dus verwerking en toegevoegde waarde in plaats van bulkstromen en overslag. Een haven die slim en creatief van de bestaande ruimte gebruik maakt, dus geen opoffering van Houtrakpolder of Wijkermeerpolder.  Dat vereist ook nadenken over welke economische activiteiten je wel en niet wilt  aantrekken, met een keuze voor bedrijven die duurzaam zijn, zowel op het terrein van milieu als het aantal arbeidsplaatsen.

Kortom, een discussie die nooit helemaal af is. Gisteren realiseerde ik mij wederom dat die in de komende tijd in de Staten door anderen gevoerd gaat worden. Maar ik weet nu al zeker dat ik ook vanuit een andere rol niet kan nalaten me er af en toe een beetje mee te bemoeien.

De Eerste Kamer en de provincie

Wie ‘Het Binnenhof’ zegt, denkt aan de Tweede Kamer, het brandpunt van de Nederlandse politiek. Maar het Binnenhof heeft ook nog een andere kant. Daar zetelt de Eerste Kamer. Deftig en bedaagd en vaak onbekend bij het grote publiek. Maar onbekend betekent zeker niet onbelangrijk. Integendeel. De 75 senatoren van de Eerste Kamer kunnen elke wet die door de Tweede Kamer is aangenomen, alsnog afstemmen. Meestal doen ze dat niet. Soms wel. En nu de politieke verhoudingen snel veranderen in ons land, neemt ook de rol en invloed van de Eerste Kamer toe. Minister-president Rutte maakt zich grote zorgen. Zijn kabinet heeft nu geen meerderheid in de senaat. Als dat na de komende verkiezingen van 2 maart zo blijft, komt zijn regering wellicht in zwaar weer. Alle reden om meer te weten te komen over deze andere kant van het Binnenhof.

Dit boek is daar heel geschikt voor. Insiders vertellen waar de Eerste Kamer vandaan komt en mogelijk naartoe gaat. En welke wetten het niet of maar net haalden in het recente verleden. En hoe de Eerste Kamer soms doet wat de Tweede Kamer niet durft. Een boek ook met verrassende voorstellen over de toekomst van Senaat en Staten-Generaal.

Met bijdragen van: Harmen Binnema (Lid Provinciale Staten voor GroenLinks), Bert van de Braak (Historisch Documentatiecentrum), Hans Engels (Eerste Kamerlid voor D66), Henk ten Hoeve (Eerste Kamerlid voor de Onafhankelijke Senaatsfractie), Roel Kuiper (lijsttrekker Eerste Kamer voor de ChristenUnie), Tiny Kox (lijsttrekker Eerste Kamer voor de SP), Ronald van Raak (Tweede Kamerlid voor de SP) en Arjan Vliegenthart (Eerste Kamerlid voor de SP).

Uitgegeven door Aspekt, ISBN: 9789461530516.