Daar gaat meer geld naartoe

Waarom de focus op meer geld te eenzijdig is en het hoog tijd wordt naar de achterliggende oorzaken te gaan kijken.

Omdat de definitieve tekst van het regeerakkoord nadert, wordt er enthousiast naar alle mogelijke media gelekt vanuit de onderhandelende partijen. Wat mij elke keer weer opvalt, is dat het belang van een onderwerp steeds wordt afgemeten aan de hoeveelheid (extra) geld die er naartoe gaat. Zoveel miljoen voor de leraren, zoveel voor de militairen en zoveel voor de ouderen. Het is een gewoonte die onder alle partijen van links tot rechts heerst.

Het werkt naar andere partijen: kijk eens hoe goed het mij gelukt is geld binnen te halen, ten koste van waar jij die 100 miljoen eigenlijk aan wilde besteden. Het werkt ook naar de achterban: zie hoe belangrijk wij u vinden, 100 miljoen extra beschikbaar. Maar meer geld is heel vaak helemaal niet de oplossing, eerder een verder uitstel om echt over de oorzaken van een probleem na te denken.

Het is niet voor niets dat bijvoorbeeld de Algemene Rekenkamer regelmatig moet vaststellen dat niet is vast te stellen welke effecten extra geld heeft opgeleverd. Het is niet voor niets dat de ene zorginstelling of school prima met het budget uit de voeten kan, terwijl de andere al kort na de zomer melden dat het geld op is. Het is niet voor niets dat sommige gemeenten de bezuinigingen van de decentralisatie goed hebben kunnen opvangen en andere onder toezicht zijn komen te staan.

Wat zou het mooi zijn wanneer politici en bestuurders in plaats van het automatisme “er is een probleem, dus daar moet meer geld naartoe” zich structureler zouden verdiepen in wat er aan de hand is. Misschien scoort dat niet in campagnetijd en ook niet als je wilt laten zien waarom je gaat meeregeren. Maar gelukkig zijn er (in theorie) nog heel veel maanden en jaren zonder verkiezingen en kabinetsformatie waarin die fundamentele vragen wel kunnen worden gesteld.