De achterban

Het warrig en inconsequent redenerende PvdA-raadslid Latif Hasnaoui was natuurlijk geen partij voor Tofik Dibi, deze week bij Pauw en Witteman. Dibi verweerde zich terecht tegen het verwijt dat politici met een moslim-achtergrond zich meer direct voor hun achterban zouden moeten inzetten. Je bent immers gekozen om zo goed mogelijk het verkiezingsprogramma uit te voeren van de partij die je vertegenwoordigt. Een verhaal dat Dibi met overtuiging bracht, zonder te ontkennen dat hij als moslim in de Tweede Kamer wel een speciale verantwoordelijkheid voelt. Heel herkenbaar, omdat het ook altijd de manier is waarop ik mij als Statenlid voor GroenLinks heb ingezet.

Het warrig en inconsequent redenerende PvdA-raadslid Latif Hasnaoui was natuurlijk geen partij voor Tofik Dibi, deze week bij Pauw en Witteman. Dibi verweerde zich terecht tegen het verwijt dat politici met een moslim-achtergrond zich meer direct voor hun achterban zouden moeten inzetten. Je bent immers gekozen om zo goed mogelijk het verkiezingsprogramma uit te voeren van de partij die je vertegenwoordigt. Een verhaal dat Dibi met overtuiging bracht, zonder te ontkennen dat hij als moslim in de Tweede Kamer wel een speciale verantwoordelijkheid voelt. Heel herkenbaar, omdat het ook de manier is waarop ik mij altijd als Statenlid voor GroenLinks heb ingezet, bijvoorbeeld als ik de vraag kreeg wat ik ging doen voor jongeren of voor Amsterdam.

Maar ergens is het een iets te mooi antwoord. Want iedere politicus neemt het meer op voor bepaalde groepen, heeft meer affiniteit met de ene groep dan met de andere. Wie je bent, waar je vandaan komt en met wie je praat, heeft invloed op je politieke handelen. Al was het maar omdat een verkiezingsprogramma maar een beperkt aantal antwoorden geeft op een beperkt aantal vragen. Er komt zoveel voorbij waarin je je niet kunt verlaten op het programma, maar een eigen afweging moet maken. Handelen ‘volgens het GroenLinks programma’ is dan ook heel relatief: het is het resultaat van wat je gezamenlijk (als afdeling, als fractie) beschouwt als een GroenLinks standpunt. De discussie rondom Kunduz is daarvan een duidelijke illustratie.

Gezien vanuit het perspectief van de kiezer is het ook logisch dat een politicus actiever is voor sommige achterbannen. Het is niet zonder reden dat iemand GroenLinks stemt en een ander PVV. Daar horen ideeën, belangen en wensen bij. Een politicus moet antwoord hebben op de vraag ‘What have you done for me lately?’ Politieke keuzes hebben consequenties, soms pijnlijke. Voor echte mensen in echte situaties. Ook GroenLinks maakt zulke keuzes: eerder de bijstandsmoeder dan de miljonair, eerder de busreiziger dan de automobilist, eerder de vogelaar dan de jager. En dat is niet gek, want het past bij een politieke opvatting waarin je opkomt voor mensen die kwetsbaar zijn, die solidariteit verdienen. Dat komt de een ten goede en gaat ten koste van de ander.

Het is heel iets anders dan cliëntelisme, waarin er bijna een 1-op-1 relatie ontstaat tussen kiezer en gekozene en de laatste in ruil voor een stem iets moet bieden. Bovendien heeft dat iets dwingend in zich: we zijn toch allebei Groninger/christen/milieuactivist, dus… Het is juist een gezamenlijke verantwoordelijkheid om voor die particuliere belangen op te komen. En dat gaat vaak het best wanneer dat komt van degene van wie je het niet had verwacht.

Eén gedachte over “De achterban”

Reacties zijn gesloten.