De managers en de professionals

Gelukkig werd er dit weekend weer eens gewonnen in de competitie. Ook nog met ruime cijfers, tegen een ploeg waarmee we het anders altijd moeilijk hebben. Het leidde de aandacht, al was het maar voor even, af van de bestuurscrisis die schijnt te woeden in en om de Arena. Met dank aan de Telegraaf (spreekbuis van Cruijff) en Parool/AD (voor het broodnodige tegengeluid) weten we hoe gezellig het eraan toe gaat in de Raad van Commissarissen. Duidelijk is in elk geval dat er nog steeds geen nieuwe technisch directeur is en dat Cruijff nog meer vertrouwelingen in de Ajax-organisatie probeert binnen te krijgen. De kern van het probleem is volgens Cruijff “dat we verschillend denken. Zij zien Ajax als een beursgenoteerd bedrijf. Ik zie Ajax als een voetbalclub.”

Gelukkig werd er dit weekend weer eens gewonnen in de competitie. Ook nog met ruime cijfers, tegen een ploeg waarmee we het anders altijd moeilijk hebben. Het leidde de aandacht, al was het maar voor even, af van de bestuurscrisis die schijnt te woeden in en om de Arena. Met dank aan de Telegraaf (spreekbuis van Cruijff) en Parool/AD (voor het broodnodige tegengeluid) weten we hoe gezellig het eraan toe gaat in de Raad van Commissarissen. Duidelijk is in elk geval dat er nog steeds geen nieuwe technisch directeur is en dat Cruijff nog meer vertrouwelingen in de Ajax-organisatie probeert binnen te krijgen. De kern van het probleem is volgens Cruijff “dat we verschillend denken. Zij zien Ajax als een beursgenoteerd bedrijf. Ik zie Ajax als een voetbalclub.”

Het conflict tussen Cruijff en co. en de anderen is een tegenstelling die in de bestuurskunde en organisatiewetenschap klassiek is geworden: managers tegenover professionals. Het is een tegenstelling die we ook in het onderwijs, in de zorg, in het openbaar vervoer en in veel andere sectoren tegenkomen. Sommigen zijn ervan overtuigd dat je niet goed in staat bent een ziekenhuis te leiden als je niet zelf ook operaties hebt gedaan, of dat je geen goede directeur van een middelbare school kunt zijn als je niet zelf ook voor de klas hebt gestaan. Vandaar de wens van Cruijff om overal in de organisatie ‘voetbalmensen’ in managementposities aan te stellen: je kunt alleen Ajax leiding geven, als je zelf ook hebt gevoetbald. En dan het liefst op een hoger niveau dan Beenhakker, Adriaanse of Van Gaal. Managers die niet die achtergrond hebben, zouden niet snappen hoe een voetbalclub geleid moet worden en zouden ook niet snappen hoe je binnen een club professionals (trainers) tot hun recht kunt laten komen.

Maar de tegenstelling tussen bedrijf en voetbalclub is misleidend: Ajax is natuurlijk allebei. Een stervoetballer is niet meteen een goede trainer en zeker niet meteen een goede manager. Wie op cruciale functies zit in een grote organisatie met veel personeel en een miljoenenbegroting, heeft er weinig aan dat hij in een ver of minder ver verleden zo’n mooie voorzet in huis had. Een deel van Ajax is een bedrijf en moet ook als een bedrijf worden geleid. Juist managers die niet beladen zijn met te veel voetbalachtergrond kunnen de professionals op de Toekomst en in de Arena de ruimte geven om hun kwaliteiten in te zetten. Te veel voetbalkapiteins op een schip leidt alleen maar tot gedoe over de koers, voordat de boot überhaupt kan gaan varen.

In de praktijk blijkt de tegenstelling tussen managers en professionals helemaal geen tegenstelling te zijn. Eerder zijn beide groepen complementair, als ze elkaar tenminste de ruimte geven dat te doen waar elk van beiden goed in is. Ik zou hopen voor mijn cluppie dat Cruijff ooit nog eens tot dat inzicht mag komen. Dan kunnen zowel Steven ten Have als Frank de Boer hun werk doen en staan we volgend jaar weer op het Museumplein. Of op zo’n troosteloze parkeerplaats, maar het gaat om het idee…

 

Eén gedachte over “De managers en de professionals”

  1. In het Onderwijs verbaas ik mij altijd over het ontbreken van manager kwaliteiten. Goed zijn in klassenmanagement tijdens het lesgeven maakt nog niet dat je leiding kunt geven aan een docententeam of een schoolbedrijf kunt leiden.
    Van voetbal heb ik verder heel weinig verstand.
    Wel zie ik voortdurend om mij heen dat er in de zogenaamde zachte sector weinig goede managers zijn. Het slechte imago van de bestuurders in de zachte sector wijt ik vooral aan de bonuscultuur.

    De prestaties van het Nederlands elftal hebben in ieder geval nog geen invloed op de resultaten van onze topteams …….

    Sportieve groet

Reacties zijn gesloten.