Een referendum over de EU

Als de geruchten kloppen, zal David Cameron in zijn al eerder verwachte maar nu toch te komen speech een referendum over het Britse lidmaatschap van de EU aankondigen. Aan de ene kant is dit het zoveelste bewijs dat het Verenigd Koninkrijk zich definitief aan de marge van de EU heeft gemanoeuvreerd, aan de andere kant is het een politieke zet die vanuit democratisch oogpunt toe is te juichen. Lange tijd heeft het debat over de EU zich afgespeeld in een kleine kring en zijn veel betekenisvolle stappen gezet, zonder dat daarvoor om het benodigde draagvlak onder de bevolking is gevraagd. In sterke mate geldt dit ook voor de stappen die onder druk van de eurocrisis in de economische en financiële integratie van de afgelopen jaren zijn gezet. De bevolkingen van de andere 26 EU-lidstaten verdienen het zich op een vergelijkbare manier als de Britten uit te kunnen spreken.

Als de geruchten kloppen, zal David Cameron in zijn al eerder verwachte maar nu toch te komen speech een referendum over het Britse lidmaatschap van de EU aankondigen. Aan de ene kant is dit het zoveelste bewijs dat het Verenigd Koninkrijk zich definitief aan de marge van de EU heeft gemanoeuvreerd, aan de andere kant is het een politieke zet die vanuit democratisch oogpunt toe is te juichen. Lange tijd heeft het debat over de EU zich afgespeeld in een kleine kring en zijn veel betekenisvolle stappen gezet, zonder dat daarvoor om het benodigde draagvlak onder de bevolking is gevraagd. In sterke mate geldt dit ook voor de stappen die onder druk van de eurocrisis in de economische en financiële integratie van de afgelopen jaren zijn gezet. De bevolkingen van de andere 26 EU-lidstaten verdienen het zich op een vergelijkbare manier als de Britten uit te kunnen spreken.

Er is nog een flinke inhaalslag te maken, waarbij ik wel hoop dat het referendum uitstijgt boven een simpel voor of tegen de EU. Want het is hoog tijd dat we afkomen van het idee dat er zoiets is als ‘Europa’. Uiteindelijk is Europa een verzamelnaam voor een stelsel van afspraken, instellingen en beleidsterreinen. De grenzen zijn, zowel functioneel als territoriaal, fluïde en voortdurend in ontwikkeling. Europa is geen vastomlijnd begrip en kan voor iedereen een andere betekenis hebben. Over sommige aspecten kunnen burgers enthousiast zijn, over andere sceptisch. Over het type beleidsvragen waarmee ‘Europa’ zich wel en niet zou moeten bezighouden, is door de Unie heen een behoorlijke consensus. Daarbij is ook duidelijk dat de Europese Unie volgens burgers meer mag zijn dan alleen economie en handel. De terughoudendheid richt zich op verworvenheden van de verzorgingsstaat en verdere uitbreiding van de EU. Die nuance zou veel meer naar voren moeten komen in het publieke en politieke debat.

De kern zit in het beter benutten van de nationale parlementen en regeringen die ook nu al zo’n fundamenteel onderdeel uitmaken van het Europese project. Juist omdat de scheiding tussen nationaal en Europees steeds kunstmatiger aandoet, maar Europa tegelijk wel een nationale vertaling en inbedding vraagt. Dat betekent, ten eerste, het via nationale kanalen (aan)voeren van een realistisch inhoudelijk debat over de zin en onzin van Europese samenwerking en een visie op de toekomst van Europa. Ten tweede houdt het een opdracht in aan politieke partijen om invloed uit te oefenen op Europees beleid, maar vervolgens ook verantwoordelijkheid nemen voor de gemaakte afspraken. Ten derde is het een les in bescheidenheid waar het de eigen mogelijkheden betreft om beloften waar te maken, die gepaard gaat met ruimte voor de Europese instellingen om hun werk te doen.

De hoop op een Europawijd publiek debat moeten we zeker niet laten varen, maar om praktische en democratische redenen is er veel voor te zeggen het debat allereerst nationaal te organiseren en politici in dat forum tot verantwoording en verantwoordelijkheid te dwingen. Mocht zo’n debat zich ontwikkelen, dan heb ik er wel vertrouwen in dat de Britten zich in meerderheid voor het EU-lidmaatschap zullen uitspreken.

Ten dele geïnspireerd door en geput uit een bijdrage die ik schreef voor de bundel Europa, burgerschap en democratie