Het overdragen van stemmen

In de politicologie woedt al jaren een flinke discussie over wat nu het beste kiesstelsel is. De eerste vraag is wat het belangrijkste doel is van verkiezingen: zorgen voor een stabiele meerderheid (regeerbaarheid) of een zo precies mogelijke afspiegeling van de voorkeuren van de stemmers (representatie). De meeste Europese landen hebben gekozen voor het laatste met kiesstelsels die zijn gebaseerd op een idee van evenredige vertegenwoordiging in plaats van het ‘first-past-the-post’ dat een deel van de Angelsaksische wereld kenmerkt. Een tussenvariant, die meer naar evenredige vertegenwoordiging neigt, is alternative vote of single transferable vote (STV). Dit systeem wordt bijvoorbeeld in Australië en Ierland gebruikt. In Engeland hebben de Lib-Dems ook alternative vote gepropageerd, maar dit werd in een referendum afgewezen.

In de politicologie woedt al jaren een flinke discussie over wat nu het beste kiesstelsel is. De centrale vraag is wat het belangrijkste doel is van verkiezingen: zorgen voor een stabiele meerderheid (regeerbaarheid) of een zo precies mogelijke afspiegeling van de voorkeuren van de stemmers (representatie). De meeste Europese landen hebben gekozen voor het laatste met kiesstelsels die zijn gebaseerd op een idee van evenredige vertegenwoordiging in plaats van het ‘first-past-the-post’ dat een deel van de Angelsaksische wereld kenmerkt. Een tussenvariant, die meer naar evenredige vertegenwoordiging neigt, is alternative vote of single transferable vote (hierna: STV). Dit systeem wordt bijvoorbeeld in Australië en Ierland gebruikt. In Engeland hebben de Lib-Dems ook alternative vote gepropageerd, maar dit werd door de bevolking in een referendum afgewezen.

In het voorstel voor een nieuwe manier om de GroenLinks kandidatenlijst vast te stellen, via een ledenraadpleging, wordt ook gepleit voor STV als methode voor de stemming en het tellen van de stemmen. Daarmee wordt meer gekozen voor representatie (alle geledingen en stromingen vertegenwoordigd) dan voor regeerbaarheid (in dit geval vertaald als een sterke samenhangende ploeg). Al eerder werd dit systeem gebruikt bij de lijsttrekkersverkiezing voor het Europees Parlement. In dat geval ging het om één plek (want het idee van duo-lijsttrekkers hebben we na een wat mindere ervaring laten varen) en dan is de procedure vrij eenvoudig. Er waren vijf kandidaten en iedere stemmer zet die vijf op volgorde van voorkeur, wat leidt tot rijtjes als BJANT JTNBA ATBNJ enzovoort. De stemmen worden geteld en er wordt gekeken hoe vaak elke kandidaat bovenaan het lijstje staat. Als in de eerste ronde niemand door meer dan 50% op plek één is gezet, valt de kandidaat met het minste aantal 1e voorkeuren af. Op alle lijstjes waar deze kandidaat bovenaan stond, wordt vervolgens gekeken wie daarop de 2e voorkeur had en deze stemmen worden toegevoegd aan de andere vier kandidaten. Wordt ook hiermee nog niet de horde van 50% genomen, dan worden de lijstjes van degene bekeken die dan de minste 1e voorkeuren heeft. Dit gaat door tot er een lijsttrekker is gekozen.

Bij STV gaat het om verkiezingen van meerdere kandidaten in een aantal districten, zoals tijdens parlementsverkiezingen. Neem bijvoorbeeld een district waar 5 zetels te verdelen zijn en 80.000 stemmen zijn uitgebracht. Dat betekent dat een kandidaat 16.000 stemmen moet halen om gekozen te worden. Als er 12 mensen in dit district meedoen, zal het niet zo snel voorkomen dat iemand dat aantal eerste voorkeuren meteen haalt. Ook dan valt per telronde de kandidaat af met de minste 1e voorkeuren en worden die stemmen verdeeld over de andere kandidaten, totdat er vijf kandidaten zijn die over de kiesdrempel zijn gekomen. Let wel: het aantal benodigde stemmen is gebaseerd op de verhouding tussen het aantal geldige stemmen en het aantal zetels per district: het is dus niet nodig om 50% te halen. Bovendien levert deze methode weliswaar een volgorde op van kandidaten – nl. de één heeft minder rondes nodig dan de ander om aan de 16.000 te komen – maar uiteindelijk zijn zij alle vijf parlementariër.

In het voorstel voor het referendum gaat het echter wel om het halen van 50% en moet er bovendien een volgorde uitkomen. Als ik de toepassing van STV goed begrijp is het eigenlijk een aaneenschakeling van alternative votes (stemmen per plek).  Ik stel mij het volgende scenario voor: 40% van de stemmers zet Jolande Sap op één, 25% Tofik Dibi, 20% Liesbeth van Tongeren, 10% Jesse Klaver en 5% Mariko Peters.  De tweede voorkeuren van Mariko en daarna Jesse worden verdeeld over de andere kandidaten, wat Jolande precies over de drempel helpt. Voor de tweede plek doen ook de ‘biljetten’ waarop Jolande bovenaan stond weer mee, maar dan wordt gekeken naar de tweede voorkeur, terwijl bij de andere kandidaten naar de eerste voorkeur wordt gekeken (totdat die kandidaten een plek op de lijst hebben gekregen).

De suggestie die wordt gewekt is dat dit de stemming op een congres het dichtst benaderd. Gegeven de methodes bij een grootschalige raadpleging is dat ongetwijfeld waar. De uiteindelijke lijstvolgorde zal misschien ook niet spectaculair afwijken van wat 600 leden in een zaal bij elkaar kunnen bedenken. Maar het cruciale verschil is uiteraard wel dat de reactie op de uitslag van de stemming over de vorige plek bij een congres wel en bij een internetraadpleging niet kan meewegen. Immers, de gehele voorkeursvolgorde is al vooraf gegeven en die kan niet tijdens de rit worden gewijzigd, maar wordt in een reeks van telrondes keurig afgewerkt. Je kiest voor Tofik op twee en Liesbeth op drie, in de veronderstelling dat daarvoor Jolande op één is gekozen. Je zet één van de groene kandidaten wat lager, in de veronderstelling dat die andere al een veilige plek hoog op de lijst heeft. Je wilt nu wel eens iemand van buiten de Randstad, in de veronderstelling dat er al wel voldoende Amsterdammers bij de eerste zes staan.

Eén van de bezwaren tegen STV is dat voor stemmers moeilijk te doorgronden is wat de effecten van hun voorkeursvolgorde zullen zijn. Eén van de bezwaren tegen de concrete toepassing in deze procedure is dat het andere beoogde doel, namelijk een evenwichtige lijst die recht doet aan het advies van de kandidatencommissie, wel eens verder uit zicht zou kunnen raken.Ik laat hier nog even buiten beschouwing dat wanneer je de mogelijkheid hebt minder voorkeuren aan te geven dan het aantal plaatsen, omdat je iemand per se niet op de lijst wilt hebben, de  lijst niet geheel gevuld zal gaan worden. De ironie wil dat een systeem met blokken (te beschouwen als multi-member districts zoals in Ierland) beter geschikt is in combinatie met STV dan een volledige lijst van 20 of 25 kandidaten. Maar dat zal wel vloeken in de kerk zijn…