Noordzeekanaal maakt tongen (en emoties) los

Dit is een wat verlaat verslag van de commissie WVV van afgelopen donderdag, maar qua inhoud en spektakel wel boeiend genoeg om alsnog te melden.

Belangrijkste onderwerp was de evaluatie van het Masterplan Noordzeekanaalgebied (Amsterdam t/m IJmuiden), al vorig jaar oktober bij Corus gepresenteerd. Een scherp en kritisch rapport waar het Bestuursplatform na enige maanden ook een reactie op had gegeven. Die kregen wij ‘ter kennisname’ met de mogelijkheden aan GS onze ‘mening mee te geven’. Zo gaat het helaas de hele tijd; deel van mijn pleidooi ging er dus ook om dat het debat eens in de Staten en niet 1x per jaar in de commissie gevoerd moet worden. De voorstellen die we nu kregen gingen ook vooral over verandering van de structuur – bestuursplatform ging anders werken, geen werkgroepen meer, andersoortige klankbordgroep (het voorstel voor die klankbordgroep klonk overigens als een poging tot muilkorven of uitschakelen van kritische geluiden).

Maar de essentiële stap 2, een integrale visie op het Noordzeekanaalgebied ontbreekt nog steeds, de economische zeehaven blik overheerst. Nou dat had ik volgens de voltallige commissie (minus de SP) volledig verkeerd gezien. Want in de nieuwe plannen waren toch ook mooie doelstellingen voor milieu, ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid opgenomen. Ach ja, papier is geduldig! Maar de ervaringen van de afgelopen tien jaar stemmen mij niet bijster optimistisch. Gelukkig kreeg ik te horen dat ik ook dat niet had begrepen… Toch leuk dat de haven op een of andere manier iets losmaakt, want ik was in tijden niet zo fel geattaqueerd.

Mijn hoop is nu gevestigd op het werkbezoek dat we in september gaan afleggen en waarbij ik ook echt discussie wil over de toekomst van het NZKG. Daarom is het ook nodig om op dat moment de collega’s uit andere commissies waar over natuur, recreatie, landschap, ruimtelijke ordening wordt gesproken erbij te betrekken. Om eens echt na te denken wat voor soort economie en wat voor soort haven we in dat gebied willen en hoe we de verschillende functies (wonen, werken, recreëren) kunnen combineren. Wordt hopelijk vervolgd.