Wat de toekomst brengen moge

Zelfs Den Helder lijkt een nieuw college te hebben, het wachten is nu dus nog op de echte hekkensluiter Zutphen. Wie sommige collegeprogramma’s leest, vraagt zich in gemoede af waarom het zo lang heeft geduurd om een dergelijke verzameling algemeenheden aan het papier toe te vertrouwen. Ook de komende vier jaar zal er weer veel gestreefd, gestimuleerd en gesteund worden, om er maar vooral niet op afgerekend te kunnen worden. Er wordt veel bestaand beleid voortgezet, wat gezien de smalle marges van de gemeentelijke politiek ook niet zo vreemd is. Net als in de aanloop naar de verkiezingen, ontbreekt in veel akkoorden een duidelijke visie op de grote klus die de gemeenten straks te wachten staan: de drie decentralisaties. De financiële onderbouwing is matig en soms zelfs afwezig.

Tot zo ver weinig nieuws onder de zon. Verrassender vind ik dat velen toch nog verbaasd en soms zelfs verontwaardigd zijn dat die collegeprogramma’s zo weinig voorstellen. De een krijgt dit een beetje, de ander dat. Over zinnen waar de buitenstaander geen kwaad in kan ontdekken, is tot diep in de nacht gestreden. Wie had gehoopt dat met de winst van D66 een andere wind zou gaan waaien, komt bedrogen uit. Bestaande politieke en bestuursculturen zijn hardnekkig en met de toegenomen electorale fragmentatie is de vlucht in onherkenbare compromisteksten des te aantrekkelijker.

Het goede nieuws is dat dit voor de komende vier jaar weinig zal uitmaken. De toekomst is onvoorspelbaar als altijd en over veel van de uitdagingen die colleges en raden tegemoet gaan zien, staat geen letter in het collegeakkoord. Andersom blijkt dat de aanvankelijk in steen gehouwen teksten na verloop van tijd steeds meer ruimte voor interpretatie en flexibiliteit overlaten. Dat is maar goed ook, want we zouden die programma’s eens echt serieus gaan nemen… daar moet je toch niet aan denken.